5 oktober 2017

Tja daar sta je dan, en hebben ze je net Theoloog des Vaderlands genoemd

Geschreven door Claartje Kruijff

Ik moest denken aan al die keren dat ik buiten de kerk mensen heb uitgevaren en gehuwd. Op allerlei plaatsen, in kerkgebouwen en veelal erbuiten. Vaak stonden mensen los van de christelijke traditie. Ik moest denken aan een van mijn eerste huwelijken: twee zenboeddhisten die wilden trouwen. En aan hoe ik aan het zoeken was, wat is mijn rol hierin en moet ik niet de bijbel inbrengen. Of neem ik de bijbel mee als deel van mijn diepste overtuiging en kan ik ze verder in alle openheid ontmoeten? Ik moest denken aan de tragische situaties waar ik in belandde als buitenkerkelijke pastor. Aan hoe een jong iemand mij een berichtje stuurde laat op de avond: morgen krijg ik de uitslag, ik ben zo bang voor uitzaaiingen, ik geloof niet maar wil je toch voor mij bidden. Of diegene die mij belde en vroeg of ze mij iets mocht vertellen. Toen ik ophing dacht ik: en vroeger had je hier de biecht voor.

En hoe mij soms gevraagd wordt om in het geval van een overlijden God niet te noemen. En toch willen mensen dan graag dat ik kom. En dan doe ik tijdens de uitvaart een groot kruis om, om te laten zien: ‘hier ben ik van’, deze woorden draag ik bij mij, vanuit hier leef en deel ik verder. Het geeft mij kracht om hier, ondanks al het verdriet te staan en mijn rol te vervullen. Mensen vinden dat kruis prima, sommigen vinden het zelfs fijn. Ik noem op verzoek soms geen God, en dan blijkt dat de sprekers dat zelf wel doen: ‘En dan ben je daar samen in de hemel met…’ ‘Als er God bestaat, hoe kan dit dan gebeuren?’

Tranen in mijn ogen

Ik moest denken aan onze geliefde Dominicuskerk waar ik soms met tranen in mijn ogen zit bij het eerste lied al. En aan hoe ik weer nieuwe ruimte heb gevonden en krijg bij de Remonstranten. Aan hoe ik ooit – in een naar binnen gekeerde zoektocht naar geluk – kennismaakte met een orthodoxe priester en hoe mijn gevoels- en geloofsleven werd opengebroken. Hoe ik een kader vond om vanuit te leven. En aan de weg die daarop volgde. En dan voelt zo’n titel als een erkenning en een steun de rug. Ik heb mij vaker afgevraagd wat collega’s van mijn buitenkerkelijke werk zouden vinden. Van mijn gesprekken, diensten en van mijn schrijven. Deze titel voelt als een erkenning en aanmoediging. Zoals jij het doet is het ook goed, ga zo verder. Ik kreeg veel warmte en steun vanuit mijn omgeving. Bijzonder. Ik besef dat veel mensen nooit of nauwelijks erkenning krijgen voor wat ze doen. Ik moet er maar van genieten. Het doet mij goed, het geeft zelfvertrouwen en nieuwe moed.

Zaterdagnacht werd ik wakker: ik was wat in de war en een beetje misselijk van de combinatie van alle inspanning en glaasjes achteraf… ik voelde plotseling een steen in mijn maag. Heerlijk die erkenning. Maar nu? Naast alle felicitaties en steun kwamen de zondag na de zaterdagavond al de eerste mails binnen met verzoeken. En ook de teleurgestelde en wat bozige reacties op social media waarin ik al neergezet werd voordat ik de kans überhaupt heb gekregen. ‘Zo’n vrijzinnige, die kunnen alleen maar horizontaal spreken’. Vroeger was ik daar direct onzeker van geworden, nu merkte ik dat ik er zelfs van opveerde. Dat zullen we nog wel eens zien of ik niet ook over het verticale iets te zeggen heb, dacht ik bij mijzelf. Al zal het in een heel andere sfeer en taal zijn dat dat die meneer in kwestie gewend is.

Ook de vrijzinnigheid kan dogmatisch worden

Of het zal wel weer alleen maar over twijfel gaan mailde iemand mij. Ik heb diegene teruggemaild: wat saai! Dat weten we nu allemaal wel, ik wil graag met je over jouw en mijn geloof en over God en Jezus in gesprek. En dat doe ik niet omdat ik mensen alleen maar op het verkeerde been wil zetten maar omdat ik echt vind dat we elkaar niet zo moeten vastzetten in wederzijdse, vastgeroeste beelden. En ook de vrijzinnigheid kan behoorlijk dogmatisch worden. Een dominee die in een dorp werkt mailde dat hij het zo jammer vindt dat alleen stadse, elitaire figuren voor dit soort dingen in aanmerking komen. En wij dan, met onze poten in de klei en maar hard ploeteren terwijl wij proberen ons vak zo goed mogelijk uit te oefenen in een hoek die nauwelijks gezien wordt?

Ik begrijp heel goed wat hij bedoelt. Ook kreeg ik een heuse haatmail, met een agressieve toon die ik in mijn buik voelde. Een collega schreef mij: ‘behalve lichtopsteker ben je dit jaar ook bliksemafleider’. Ik heb wijze en goede collega’s gelukkig. Want er zijn veel uitstekende theologen. Ik ben daarom ook extra trots dat ik juist dit vakgebied mag vertegenwoordigen. Het wordt voor mij belangrijk om mij de komende twee, drie weken te richten op wat ik zelf denk dat bij mij past. Welke thema’s liggen in de lijn van wie ik ben en wat ik doe, kortom, waar kan ik op een geloofwaardige manier over spreken en hoe en waar zal ik dat mogelijkerwijs doen?

Het geleefde leven

Ik heb 10.000 euro gekregen om een project vorm te geven. Het zal een oecumenische schrijversdenktank – breder dan de christelijke traditie alleen – worden. We gaan een aantal existentiële kernthema’s uit het Onze Vader uitdiepen om hopelijk bij te dragen aan een existentiële ruimte en gesprekskader dat wij, zo vermoed ik – in de samenleving missen. En we gaan, en nu gebruik ik woorden van hoogleraar Christa Anbeek, uit van het geleefde leven (en het te leven leven), want dat is ook theologie. Ik besef ook dat ik in een dergelijke rol nooit het hele vakgebied tevreden kan houden noch vertegenwoordigen. Gelukkig is het ieder jaar weer aan een ander en kunnen we daarmee ook onze diversiteit laten zien.

 


Het moment van Claartje tijdens de Nacht van de Theologie

Ieder woelt hier om verandering
in een onzekere wereld
klampen we ons vast
aan wat we niet in de hand hebben

en tóch
hebben we wél iets in de hand
hoe we antwoord geven aan die God genoemd wordt:
want hé: zou die eigenlijk nog in óns geloven

Soms denderen we door
bedekken we onze pijn, eenzaamheid,
verwaarlozen we onze binnenkant
Of doen we aan navelstaarderij
vergeten daarbij de wereld

Terwijl
ieder verlangt naar zielenrust
naar verlossing uit het ‘ik’
Zoals ik,

mij ooit voelde, buiten de kerk
zoekend, leeg van binnen
en ik? wat is goed leven? waar hoor ik bij?
een diep verlangen zonder adres

Totdat er
eeuwenoude woorden klonken:
geef ons heden ons dagelijks brood
verlos ons

Ik ontdekte: ik hoef het niet alléen te doen
het zijn onze vragen
en die God is voor ons állen

Project

Met mijn project beoog ik
een oecumenische denktank
breder dan de christelijke traditie alleen
een ‘wij in het klein’

die op basis van thema’s uit het Onze Vader
denkt, spreekt en schrijft
op zoek naar nieuwe oude woorden
gesprek voor hoofd én hart,
een taal die bruggen kan slaan
in onzekere tijden en woelige harten.

Over Claartje Kruijff

Claartje Kruijff

Claartje Kruijff werkte acht jaar als consultant bij een internationaal organisatieadviesbureau in Amsterdam en Londen. Zij zei vervolgens haar baan op en ging theologie studeren. Zij is remonstrants vernieuwingspredikant en studeerde af op 7 september 2019 in Hilversum.

Gerelateerd