6 december 2015

Daar wordt aan de deur geklopt

Wie dit weekend pakjesavond viert zal het liedje langs horen komen:

Daar wordt aan de deur geklopt:

hard geklopt, zacht geklopt

daar wordt aan de deur geklopt

wie zal dat zijn?

Maar doen we eigenlijk nog wel open, als iemand bij ons aanklopt?

Niet het dak op

In Lochem spraken deze week vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties, zoals woningbouw- en huurdersverenigingen, de Raad van Kerken en dorpsraden met de burgemeester en wethouders over de mogelijke opvang van vluchtelingen en statushouders naar onze gemeente. De wethouder legde uit: het rijk zorgt voor de acute opvang van vluchtelingen, de gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting van mensen met een verblijfsvergunning. “Statushouders” of aardiger gezegd: mensen die minstens 5 jaar mogen blijven. Zij moeten daarom de kans krijgen als gewone inwoner in de Lochemse samenleving mee te doen. De gemeente wil proberen méér statushouders te huisvesten zodat er een betere doorstroming kan ontstaan in de asielzoekerscentra. Daardoor kan de noodopvang voor vluchtelingen iets meer ruimte krijgen. Niemand het dak op, niemand in de kou laten staan – dat dus.

De Goedheiligman: dat ben je zelf (als je wilt)

Ook deze avond waren er natuurlijk mensen bang: dat iemand anders liever een vrijkomende sociale huurwoning wil hebben dan een vluchteling die al maanden in een AZC woont. Dat het beter zou zijn alle vluchtelingen ergens in een verbouwd kantoorpand in een hoekje weg te stoppen. “Dat is voor hen ook prettiger, allemaal dezelfde cultuur.” Alsof “zij” één groep zijn en alle vluchtelingen uit hetzelfde dorp komen. Dat spreiding door alle kleinere en grote kernen van onze gemeente vast óók niet tot integratie leidt. Gesteld werd dat het opnemen van mensen met een verblijfstatus een wettelijke taak van de gemeente is, maar daarmee net zo goed een collectieve verantwoordelijkheid is van alle inwoners. Het gaat niet alleen om de wens van de vluchteling om hier te komen wonen, maar ook om de buren die hen willen ontvangen. Er zijn vermoedelijk hartstikke interessante en aardige mensen bij! En vanuit die gedachte was snel duidelijk: buurt maken, naoberschap: dát moeten we samen doen. Net zoals anders, wanneer je nieuwe buren krijgt. Niet wachten tot er op de deur geklopt wordt, maar per dorpskern, samen met de kerk, de sportverenigingen, scouting en de scholen: samen de deur open zetten. En als we dan toch liever leegstaande panden verbouwen tot appartementen in plaats van nieuwbouw, laten we het dan zó doen dat we er zelf ook graag zouden willen wonen.

Gerelateerd